In 1957 introduceerde 't Poppenrijk de eerste polyethyleen pop. Een voor die tijd spectaculaire ontwikkeling.
Deze pop met gemodelleerd voorgevormd haar was waterbestendig en had veel speelmogelijkheden.
Hoofd, armen en benen konden draaien.
Het meest opvallende detail van deze poppen waren de draaihandjes.
De nieuwe Wildebraspop was een succes.
De papier-maché pop werd van zijn plaats verdrongen en kwam de productie van deze poppen uiteindelijk stil te liggen.
Als laatste werd nu ook de papier maché babypop van 60 cm in polyethyleen gemaakt.
Er kwam ook een serie Wildebras polyethyleen poppen in een bruine huidskleur.
Tegenwoordig zijn deze donkere poppen jammer genoeg zeer breekbaar omdat de toegevoegde kleurstof een slechte invloed heeft op de samenstelling.
Er zijn ook poppen gemaakt van een mindere kwaliteit polyethyleen.
De kleur is lichter en ook het roze is wat harder.
Deze 'B' - kwaliteit poppen werden goedkoper verkocht in de winkels, op markten etc.
De poppen werden op de rug voorzien van het Wildebras merk.
Het merk werd al in de mal gemaakt zodat het plastic de vorm van het merk aannam.
Niet alle mallen waren voorzien van een merk waardoor er ook een groot aantal ongemerkte Wildebraspoppen bestaan.
Het wel of geen merk hebben maakt niets uit in kwaliteit of prijs.
Meestal kreeg de pop nog een labeltje met het Wildebras merk om de pols, afhankelijk van de verpakking.
Bij de aangeklede poppen kregen ze een speldje op hun kleding.
Het speldje was van geel, groen of rood plastic of stelde een zwart leitje voor.
De Wildebraspop werd verkocht in een doos of plastic zak.
Door ’t Poppenrijk werd zelfs een grote pop van 90 cm uitgebracht.
Er kwam ook een “looppop” van dit model. In de pop werd een eenvoudig scharnierend metalen loop-mechanisme ingebouwd.